Nieuws

Nieuwsbrieven20202019 20182017     
 FebruariFebruariFebruariFebruari     
  MeiMeiMei     
  AugustusSeptemberAugustus     
  NovemberNovemberNovember     


dinsdag 11 februari 2020

Leestip

VIN

Pieter Leenheer

Onderwijsonderzoekers brengen op gezette tijden in beeld hoe leraren hun werk ervaren. Nuttig werk, daar niet van, maar omdat dat in wetenschappelijke publicaties nu eenmaal zo hoort, levert het altijd wel tamelijk abstracte beelden op. Het echte leven klinkt er hooguit in een enkel woordelijk citaat in door. Wat dat betreft is een roman in principe uiteraard een beter medium voor een warmbloedig beeld van de werkelijkheid in de school. Mits het verhaal niet neerkomt op een aangekleed schoolportret, maar in eerste instantie gaat om alledaagse menselijk gedoe. En daarvoor is een school, in al zijn complexiteit, eigenlijk een beter decor dan een kantoor, laat staan een distributiecentrum of containeroverslagbedrijf.

Jammer genoeg echter levert de Nederlandse literatuur (maar waarschijnlijk die niet alleen) vooral vertekende beelden van scholen. In elk geval sinds de Tweede Wereldoorlog. Zoals de critici Kees ’t Hart en Rob Schouten in 2008 al in De Groene respectievelijk Trouw constateerden: in onze literatuur zijn leraren meestal ofwel droogkloten ofwel intellectuele mislukkelingen die beide ernstig te lijden hebben onder de golf van onderwijsvernieuwingen. En tien jaar later velde Ton Bastings in zijn proefschrift Meesters van papier vrijwel hetzelfde oordeel.

Trouwens, als je het mij vraagt, lijken nogal wat Nederlandstalige romans die op een school spelen, ingegeven door ressentiment, door frustratie. Nu heeft rancune een enkele keer prachtige romans opgeleverd in de wereldliteratuur, getuige bijvoorbeeld Célines Reis naar het einde van de nacht. Maar veel vaker resulteert het in verhalen over een bordkartonnen werkelijkheid, met nogal karikaturale personages. Het kan echter ook anders zoals het eind vorig jaar verschenen Vin van de Vlaamse schrijfster en lerares Ruth Lasters laat zien. Weliswaar speelt dat boek op een Vlaamse school, het VIN oftewel Vrij Instituut voor Nijverheid, een grotestadsschool voor beroepsonderwijs met voornamelijk Belgisch-Marokkaanse leerlingen. Maar mij lijken er meer overeenkomsten dan verschillen met scholen in Nederlandse achterstandswijken.

Vin vertelt het verhaal hoe drie personages, alle verbonden aan het VIN, hun leven op de rails proberen te krijgen: Lore, een beginnend lerares Engels en biologie, die zeker aanvankelijk totaal geen orde heeft en ook nog eens tobt met een problematische relatie; Sergei, de dyslectische conciërge van het VIN, die moet knokken om zijn baan te houden en tobt met de naweeën van zijn scheiding, maar verliefd raakt op het derde personage, de Armeense schoonmaakster Anna. Lasters vertelt het verhaal hoe hun levens verknoopt raken, heel behendig in een reeks korte (soms zelfs zeer korte) hoofdstukken vanuit drie perspectieven, waarbij Lore en Sergeï zelf aan het woord komen, terwijl Anna’s wereld vanuit het vertellersperspectief wordt beschreven omdat zij niet meer spreken kan. Hoe dat laatste zo gekomen is, laat ik hier achterwege: met die spoiler zou ik de spanning die Lasters opbouwt, volledig teniet doen. Hier volsta ik met iets dat na het voorgaande nogal voor de hand ligt: het zou mooi zijn als in Nederland op dit moment iemand zwoegt op een pendant van Vin. Dus een goed verhaal met en passant een even verhelderend inkijkje van binnenuit in de omgang met leerlingen met, zoals dat nu dan weer heten moet, een migratie-achtergrond.

 

Ruth Lasters (2019). VIN. Kalmthout: Polis

 

 

 



Geef hieronder uw reactie op dit nieuwsitem

Leave this one empty:
Naam:
Don't fill in data here:
Reactie:
Don't put anythin in here:
CAPTCHA Image
Nog geen reacties geplaatst

Uw internetbrowser is verouderd.

Voor een goede weergave is een recente versie van uw browser vereist.