DNM-Online Boeken en beschouwingen

 

DNM-Online

 

 

maandag 31 oktober 2022

Van moeten naar willen en willen moeten

Column

Bart Schipmölder, directeur-bestuurder NSO-CNA Leiderschapsacademie

De afgelopen weken heb ik weer een aantal reisverslagen van deelnemers aan onze middenmanagement-opleiding nagekeken. In die verslagen beschrijven deze beginnende leidinggevenden de ontwikkeling die ze tijdens de opleiding hebben doorgemaakt. Ze reflecteren op zichzelf en het eigen leiderschap in hun praktijk. Het geeft veel voldoening om te lezen hoe mensen in beweging zijn gekomen en grote stappen hebben gezet.

Theorie wordt het moetje
Een ding valt me altijd weer op. Mensen vertalen inzichten en theorie die ze krijgen regelmatig naar opdrachten aan zichzelf: ‘ik moet meer loslaten’, ‘ik moet meer luisteren’ of ‘ik moet minder perfectionistisch zijn’. Ook tijdens het werken in de groep hoor ik dit vaak.  Het lastige aan een moet-perspectief op jezelf is dat het lijkt te refereren aan een van buiten opgelegde norm waar je aan moet voldoen en je naar toe moet ontwikkelen. Je voelt de stress er al in doorklinken. Zeker perfectionistisch ingestelde mensen hebben deze neiging. De meeste deelnemers zien de cirkelredenering die erin verscholen gaat echter niet. Die is namelijk: ik ben nog niet perfect en dus niet goed als mens, ik voldoe niet aan de norm, en MOET nog beter worden in bijvoorbeeld minder perfectionistisch zijn. Dat is natuurlijk een bijna onmogelijke opdracht, falen ligt op de loer. En dat (mogelijk) falen bevestigt juist hun gevoel van niet goed genoeg zijn: ‘zie je wel, het lukt mij nooit!’

Ik moet helemaal niets
En er is nog een ander probleem met ‘moeten’. Ik hoorde laatst iemand zeggen: ‘ik moet helemaal niets’. En dat verwijst ernaar dat wij mensen ons graag autonoom voelen en ons niet graag onderwerpen aan de wil van een ander. En dat is wel bij moeten aan de orde: het is alsof iemand van buiten tegen je zegt dat je het moet doen. Dat noemen we extrinsieke motivatie. Het is geen eigen keuze om het te doen. Vaak klinken daar ook stemmen uit je verleden in door die je aanspreken alsof je nog een kind bent. Dat wil je al helemaal niet en daarom roept dit ‘moeten’, ook als je dat van jezelf moet, vaak boosheid op. De ene keer wat sterker dan de andere keer, en soms ook onbewust. Maar hoe dan ook komt er verzet op. En dat doe je eigenlijk zelf en daarmee zit jezelf ook de poging om toch aan de norm te voldoen aardig in de weg.

Van moeten naar willen
Veel trainers, en ik ook, haken graag in op deelnemers die vaak het woord ‘moeten’ gebruiken en vragen dan: ‘moet je dat of wil je dat?’ We vragen dan naar de intrinsieke motivatie. Op zo’n moment vallen veel deelnemers even stil en denken na over wat zij echt willen. Dat is voor veel ‘moeters’ nog niet zo’n makkelijke vraag omdat ze simpelweg niet vertrouwd zijn met deze vraag en oprecht niet goed in beeld hebben wat ze zelf echt willen. Ik kom in mijn coachpraktijk regelmatig mensen tegen die onvoldoende uitgedaagd zijn om na te denken over wat ze zelf willen, of verlangens toe te staan. Als mensen het echt niet weten helpt hulp van buitenaf, maar is het wel oppassen. Voordat de deelnemer het in de gaten heeft wordt ook deze hulp weer een moetje. Het vraagt bewustzijn van deze patronen om eruit te kunnen stappen.

Spreken in termen van ’willen’ is de moeite waard. Het klinkt echt anders als iemand zegt: ‘ik wil meer loslaten’, ‘ik wil meer luisteren’ en ‘ik wil minder perfectionistisch zijn’. Het opent ook de deur naar het besef dat loslaten, luisteren en minder perfectionistisch afhankelijk van de situatie wel of niet effectief zijn. Een vrije keuze maken voor het meest effectieve gedrag, los van de gangbare norm, helpt je om beter af te stemmen op die situatie: wat heeft de situatie nodig. Soms is dat vasthouden en soms is dat loslaten.

Wanneer je toch iets moet
Met de omzetting van moeten naar willen zijn we er nog niet helemaal. Want er zijn nou eenmaal situaties waarin je iets moet. Je moet belasting betalen, je moet naar die receptie, je moet naar dat familiediner of die vergadering. In deze situaties komt er snel iets passiefs of slachtofferachtigs in onze boodschap: het overkomt me en ja ik vind het jammer, maar helaas kan ik niet anders…. De situatie legt mij zijn wil op. Hoe anders is het als je ook in die situaties je beseft dat je de keuze maakt om het te willen moeten. Zo kreeg ik laatst de volgende afzegging van een deelnemer die naar een tweede ronde van een sollicitatiegesprek moest: ‘Ik wil deze kans niet voorbij laten gaan en kies er dan ook voor om naar dit tweede gesprek te gaan.’ Dit bericht sprak me zeer aan: niet de situatie de schuld geven, maar beseffen dat jij de keuze maakt waar je heen gaat, dat jij dus kiest om te moeten. Als ik belasting betaal, realiseer ik me elke keer weer dat ik dat ook wil. Ik kies ervoor om bij te dragen aan het collectief en voel me daarvoor medeverantwoordelijk. Ik ben er geen slachtoffer van. En dat voelt uiteindelijk veel volwassener.

Ik kies ervoor om….
Ik roep iedereen op om bij dit soort situatie je zin eens te beginnen met: ‘ik kies ervoor om…’ in plaats van ‘Ik kan niet, want ik moet naar…’. Dat ‘ik kies ervoor’ klinkt actiever, herinnert je eraan dat je een keuze hebt en is eerlijker naar de ander. Jij bent actor. Ik denk dat onze dialogen met onszelf en de omgeving er een stuk frisser op worden. En ja het is wat spannender om te zeggen: ik kies voor een gesprek met A in plaats van deel te nemen aan jouw opleiding. Maar die boodschap kan ik hebben, jij ook?

 

Bart Schipmölder
Directeur-bestuurder NSO-CNA Leiderschapsacademie
b.schipmolder@nso-cna.nl



Geef hieronder uw reactie op dit nieuwsitem

Leave this one empty:
Naam:
Don't fill in data here:
Reactie:
Don't put anythin in here:
CAPTCHA Image
Nog geen reacties geplaatst
Uw internetbrowser is verouderd.

Voor een goede weergave is een recente versie van uw browser vereist.